© AFP
Een Syrische soldaat neemt een selfie met een bord van ISIS
Het gewapend conflict in Syrië, dat intussen al zes jaar woedt, heeft de infrastructuur van het land volledig verwoest en de economie 226 miljard dollar (198 miljard euro) gekost. Dat is bijna viermaal het volledige bruto binnenlands product van Syrië voor het conflict begon, berekende de Wereldbank. In totaal lieten minstens 320.000 mensen het leven.
De oorlog, die in maart 2011 uitbrak, kostte aan minstens 320.000 mensen het leven. Zowat de helft van de Syrische bevolking sloeg op de vlucht. Meer dan een kwart van alle woningen zijn kapot en ongeveer de helft van alle scholen en ziekenhuizen vernield. Meer dan drie op vier Syriërs heeft geen job of studies meer.

Maar naast mensenlevens en infrastructuur verwoestte de oorlog nog veel meer, aldus de Wereldbank. "Het sociale en economische weefsel is vernield", aldus de vicevoorzitter voor het Midden-Oosten bij de Wereldbank, Hafez Ghanem. "Het aantal slachtoffers is vernietigend maar ook de instellingen die een land nodig heeft om te functioneren, zijn weg. Dat herstellen zal meer werk zijn dan het herstellen van de infrastructuur". En hoe langer het conflict aansleept, hoe groter de uitdaging, waarschuwde hij. Het gebrek aan scholing en jobs bijvoorbeeld dreigt het menselijk kapitaal in het land helemaal onderuit te halen.

Mocht de oorlog eind dit jaar over zijn, dan zal het nog vier jaar duren voor de Syrische economie (amper) 41 procent van zijn waarde heeft gerecupereerd. En hoe langer de oorlog duurt, hoe langer het herstel in beslag zal nemen.