ontgroening
© Richard MouwVernedering is een van de pijlers waar ontgroening op rust, maar wat gebeurt er achter gesloten deuren?
Vorige week kwam het bericht naar buiten dat een dertiental ouderejaarsstudenten van de studentenvereniging Vindicat Atque Polit (handhaaft en beschaaft) in Groningen een 'bangalijst' hadden gepubliceerd. Alsof dat nog niet genoeg was werd een aspirant-lid het ziekenhuis ingemept nadat hij zo hard op het hoofd was geslagen dat hij "een hersenoedeem opliep, een gevaarlijke zwelling in de hersenen door vochtophoping".

Afgelopen maand nog werd met veel bombarie aangekondigd dat de studentenverenigingscultuur die al ruim 200 jaar bestaat nu officieel behoort tot het Nederlands 'cultureel erfgoed'. De voorzitter van de Landelijke Kamer van Verenigingen [LKvV] hoopte dat zo het imago van studentenverenigingen zou verbeteren en waagde het volgende uit te kramen:
"Mensen hebben soms toch vooroordelen over hoe het eraan toegaat bij studentenverenigingen. Dit bevestigt dat het een grote meerwaarde is voor je studententijd."
Zeg dat maar tegen de 22 studentes die op de 'bangalijst' stonden en intimiderende apps ontvingen van zieke geesten. Of die andere slachtoffers van ontgroening die dergelijk 'erfgoed' soms met de dood, lichamelijk letsel of een trauma moeten bekopen. Zulke praktijken zijn inderdaad onderdeel van de Nederlandse cultuur. Kijkende naar de geschiedenis dan zien we overeenkomsten met onze voorouders en hoe zij huis hielden in het voormalig 'Nederlands-Indië'. Een foto van geëxecuteerde half ontblootte gevangenen dook onlangs op naast beeldmateriaal van vernietigde kampongs, zuiveringsacties, onthoofde strijders en verhoren van ontblote Indonesiërs. Vernedering en wreedheid waren troef en hoewel we niet alle studentenverenigingen kunnen vergelijken met de Nederlanders die dergelijke misdaden begingen zien we de erfenis van ons koloniaal verleden wel degelijk terug in oer-Hollandse 'tradities' die tijdens de ontgroening ingezet worden.

[Update: Het 'kenniscentrum' dat over de lijst Immaterieel Erfgoed gaat, heeft de plaatsing van studentenverenigingen opgeschort. Maar aangezien ook Zwarte Piet en circusdieren op deze lijst voorkomen verwachten we dat deze studentencultuur alsnog erop gezet zal worden.]

Karel Kuilman, de vader van een student die zijn groentijd in 2007 in Delft doorbracht vergeleek de uitingen van deze cultuur met de Irakese gevangenis Abu Ghraib, maar dan aan de Schie. Lees en oordeel zelf:
Wat gebeurt er in zo'n KMT [kennismakingstijd]? Het begint met een intocht in de sociëteit: tijgerend over een vloer vol glas, bier en bagger, met het feutenshirt over het hoofd worden de feuten uitgejouwd, toegeschreeuwd en naar beneden getrapt. De kleding van mijn zoon is na vijf minuten kapot. Tijdens een gesprekje krijgt hij een rauw ei in zijn mond geduwd. Met een harde klap op zijn kaak wordt het ei naar binnen geslagen en als hij het waagt het uit te spugen, zal het meisje waar hij naast zit dezelfde behandeling ondergaan.

Met alleen schoenen, een jas, en een feutenshirt om zijn onderlichaam geknoopt is hij naar zijn slaapplaats gefietst. Urenlang moeten de feuten in ijswater zitten. Er is een verrijdbare kast waar feuten urenlang in worden opgehangen aan hun polsen (soms met drie man tegelijk).

Meisjes zijn duidelijk niet welkom op deze vereniging. Ze worden veelal met 'hoer' aangesproken. Sommige leden kijken consequent opzij als er een meisje in de buurt is, anderen spreken q.q. (per definitie) niet met meisjes". De meisjes hebben een afgescheiden stukje in de achterzaal: de rest van het gebouw is van de mannen.

Feuten moeten met het hoofd omhoog en in hun mond een brandende kaars eindeloos stil blijven zitten. Zitten doen ze in een kratje, niet erop. Er wordt volop geslagen, want dat mag: dat is ,een vlakke". Alhoewel de feuten flink moeten betalen voor de KMT is er slechts één waterfles die rondgaat waar iedereen uit moet drinken. Wie ziek is, steekt de ander aan; iedereen wordt ziek. De feuten worden echter zodra ze lid zijn, wel verplicht drankgelagen van de ouderejaars te betalen.
In antwoord daarop schreef de advocaat Frans-Willem Verbaas:
Dergelijke methodes zijn te beschouwen als foltering of onmenselijke behandeling of bestraffing in de zin van het Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens, het Internationaal Verdrag inzake Burgerlijke en Politieke Rechten Mensen en mogelijk zelfs marteling in de zin van het Antifolterverdrag. Het zal mij benieuwen of bij de overheid het kwartje gaat vallen en opgetreden gaat worden tegen dergelijke mensenrechtenschendingen.
Tot nu toe hebben de autoriteiten echter niet of nauwelijks ingegrepen. Het establishment komt slechts met lauwe reacties, maar bestraft worden deze ponerogene instellingen en hun leden niet. Of we kunnen wat halfslachtige maatregelen verwachten. Oud-leden oproepen om afstand te nemen van Vindicat lost het probleem niet op. Zeggen dat men af wil van ontgroeningen ook niet. De namen van de daders zijn nog steeds niet bekend. Zij kunnen zich hullen in stilte, de jonge vrouwen op de 'bangalijst' kunnen dat niet. Een dynamiek die we keer op keer terugzien. De gelederen sluiten zich hoogst waarschijnlijk, zelfs nu bekend is geworden dat eerstejaarsstudenten de afgelopen drie jaar zwijgcontracten hebben moeten ondertekenen die regelen dat aspirant-leden van Vindicat niet met de buitenwereld over hun ontgroening zullen communiceren. Hebben we hier te maken met een onschuldige studentenclub of zijn studentencorpora zo professioneel onderlegd en in zulke bizarre zaken verwikkeld dat aankomende leden middels intimidatie onder druk gezet moeten worden?

ontgroening studenten
Toen in het midden van de jaren zestig een student van een dispuut tijdens zijn ontgroening stikte in een roetkap kregen de daders slechts een week celstraf. Deze affaire heeft de andere leden echter nooit belemmerd in hun carrière. Twee lieden schopten het zelfs tot ambassadeur.

Als we de reacties van leden van studentencorpora onder de loep nemen dan zien we dat ze al op jonge leeftijd geleerd moeten hebben om op succesvolle manier leugens te formuleren, het onderwerp te omzeilen en lastige vragen uit de weg te gaan. Naar het evenbeeld van de psychopaten aan de top die ook met veel dedain de gewone burgers van repliek dienen. Wellicht worden op deze manier studenten geselecteerd voor de volgende generatie psychopaten die leiding moeten gaan geven aan grote bedrijven of in de politiek zullen belanden. De 'elite' en zijn netwerken moeten ervan verzekerd zijn dat ze hun machtsposities kunnen behouden. De ontgroeningstijd als test zodat de studenten met enig gevoel afvallen of zelfs een trauma oplopen? Wat overblijft zijn de autoritaire volgers en hun leidinggevenden die gewetenloos zijn en hun medestudenten onderwerpen aan wanstaltige praktijken om zo trouw te zweren aan het old boys network. Met als motto: blijf loyaal aan je club, ook al zijn er leden die misdaden plegen. Dergelijke 'verenigingen' trekken natuurlijk ook mensen aan met psychopathische en sadistische trekken.

Hoe hebben dit soort organisaties - als ware een parallelle samenleving - zich zo kunnen ontwikkelen? In Politieke Ponerologie - Een wetenschap over de aard van voor politieke doeleinden aangewend kwaad, schrijft Andrzej M. Lobaczewski:
Twee basistypen van [... dergelijke] verbonden moeten worden onderscheiden: primair ponerogene en secundair ponerogene verbonden. Laten we een verbond primair ponerogeen noemen, wanneer de abnormale leden ervan al vanaf het begin actief waren, door de rol te spelen van kristalliserende katalysators in het ontstaansproces van de groep. Secundair ponerogeen noemen we een verbond dat was opgericht in naam van een idee met een onafhankelijke maatschappelijke betekenis, over het algemeen begrijpelijk binnen de categorieën van het natuurlijke wereldbeeld, maar dat later bezweek aan een zeker moreel verval. Dit opende op zijn beurt de deur voor infectie en activering van de interne pathologische factoren, en later voor een ponerisatie van de groep als geheel, maar vaak van een deel ervan.

Vanaf het eerste begin is een primair ponerogeen verbond een vreemd lichaam binnen het organisme van de samenleving, door het karakter ervan dat botst met de morele waarden van de meerderheid. De activiteiten van zulke groepen roepen oppositie en afkeer op en worden als immoreel beschouwd; in de regel worden zulke groepen daarom niet groot, en zaaien ze zich evenmin uit in talrijke verbonden; uiteindelijk verliezen ze hun strijd met de samenleving.

Om zich te kunnen ontwikkelen tot een grote ponerogene vereniging, is het echter voldoende dat een menselijke organisatie - die is gekenmerkt door sociale of politieke doelen en een ideologie met een creatieve waarde - wordt aanvaard door een groot aantal normale mensen voordat het bezwijkt aan een proces van ponerogene kwaadaardigheid. De oorspronkelijke traditie en ideologische waarden van zo'n club kunnen dan, voor lange tijd, het verbond dat is bezweken aan het ponerisatieproces, beschermen tegen het bewustzijn van de samenleving, vooral van haar minder kritische leden. Als het ponerogene proces zo'n menselijke organisatie treft, die oorspronkelijk ontstond en handelde in naam van politieke of sociale doeleinden en waarvan de oorzaken lagen in een bepaalde geschiedenis en sociale situatie, zullen de primaire waarden van de originele groep een dergelijk verbond voeden en beschermen - ondanks het feit dat die primaire waarden bezwijken aan karakteristieke ontaarding. De praktische functie wordt hierdoor totaal anders dan de oorspronkelijke, omdat er wordt vastgehouden aan oude namen en symbolen. Dit is waar de zwakheden van individueel en maatschappelijk "gezond verstand" worden blootgelegd.
Het feit dat de LKvV tegen een ontgroeningsverbod is spreekt dan ook boekdelen. Je zou toch denken dat de voorzitter wijselijk zijn mond houdt, maar nee, opnieuw maakt Hoekman duidelijk hoe ponerogeen deze studentencultuur is:
"Het besluit ontgroening te verbieden op grond van enkele incidenten vinden wij te kort door de bocht. Het zou zonde zijn zo'n eeuwenlange studententraditie zomaar overboord te gooien."
Als we ons bedenken dat seksueel geweld een groot probleem is in onze samenleving dan moeten we ons afvragen waarom verkrachting en aanranding niet voorkomen op de lijst van voorvallen bij studentenverenigingen. Of zijn deze 'bangalijsten' slechts het topje van de ijsberg en worden naast zwijgcontracten andere vormen van intimidatie gebezigd om jonge vrouwen (en mannen) tot zwijgen te dwingen? Seksueel geweld is naast mentale en lichamelijke foltering ook een manier om mensen te breken en in het gareel te krijgen. De kans lijkt ons groot dat seksuele mishandeling ook hier aan de orde van de dag is.

Laten we niet vergeten dat Nederland een belangrijk distributie- en productieland is van kinderporno, de regering is verwikkeld in oorlogen in landen als Syrië en Irak waar we niets te zoeken hebben, de wapenindustrie beleeft gouden tijden en het kabinet regelt gunstige belastingconstructies voor psychopathische multinationals, zonder dat het Nederlandse volk ervan profiteert. Dergelijke wan- en misdaden behoeven elke keer weer een nieuwe generatie psychopaten die de status quo zullen handhaven. Studentenverenigingen en hun ontgroeningspraktijken zijn wellicht bij uitstek geschikt om te filteren, te selecteren en de 'elite' te verzekeren van voortdurende controle en macht.